Diepgang kraanschip (2)

Eerder schreef ik al over de diepgang van een kraanschip (een motorvrachtschip voorzien van 'laad- en losgerei') en de uitspraak van de rechtbank van 22 maart 2024 daarover. De rechtbank oordeelde toen dat de minister (Inspectie Leefomgeving en Transport; ILT) niet goed gemotiveerd had waarom de meetbrief de geringere diepgang die geldt bij gebruik van de kraan (in dit geval 2,50 meter) als enige en maximale diepgang vermeldt en niet (of niet ook) de grotere diepgang zonder gebruik van de kraan (in dit geval 2,82 meter).

ILT heeft vervolgens opnieuw beslist dat de (enige) maximale diepgang de geringste maximale diepgang bij gebruik van de kraan is. Dus ook voor situaties waarin de kraan niet wordt gebruikt. Ook die beslissing is ter beoordeling aan de rechter voorgelegd. Op 11 juli 2025 heeft de rechtbank uitspraak gedaan.

De eigenaar van het kraanschip krijgt, opnieuw, gelijk.

De rechtbank stelt voorop dat de meetbrief moet worden afgegeven op basis van hoofdstuk 4 van de Binnenvaartregeling. De in hoofdstuk 3 van de Binnenvaartregeling bedoelde technische voorschriften, zoals stabiliteitseisen, zijn niet bepalend voor wat er in de meetbrief moet worden opgenomen.

Verder stelt de rechtbank vast dat nergens in de wet- en regelgeving is vastgelegd dat in gevallen als dit de laagste maximale diepgang bij gebruik van de kraan als de maximale diepgang in de meetbrief moet worden vermeld (en niet de maximale diepgang wanneer de kraan niet in gebruik is). Hoofdstuk 4 van de Binnenvaartregeling (art. 4.8 lid 1) verwijst slechts naar art. 4.04 lid 2 van de ES-TRIN, niet (ook) naar andere voorschriften in de ES-TRIN. Die andere voorschriften, die ILT heeft aangevoerd om haar standpunt te onderbouwen, zijn van belang voor het certificaat van onderzoek (CvO), niet voor de meetbrief.

Bovendien heeft ILT niet onderbouwd dat in de meetbrief slechts één diepgang kan worden vastgelegd en evenmin dat dit de diepgang bij gebruik van de kraan moet zijn.

Niet in geschil is, zo overweegt de rechtbank, dat de maximale diepgang zonder gebruik van de kraan 2,82 meter bedraagt en dat alleen bij gebruik van de kraan de maximale diepgang tot 2,50 meter wordt beperkt. "Niet is gebleken waarom dit als zodanig niet in de meetbrief vermeld kan worden."

De uitspraak kunt u hier lezen.

Nog niet bekend is of ILT in hoger beroep gaat.

De uitspraak heeft tot gevolg dat de meetbrief van een kraanschip de maximale diepgang zonder gebruik van de kraan moet vermelden. Desgewenst kan in de meetbrief óók de in verband met stabiliteitseisen geringere maximale diepgang bij gebruik van de kraan worden opgenomen. Ook mogelijk is dat in het CvO bepaalde beperkingen of voorwaarden worden opgenomen voor situaties waarin de kraan gebruikt wordt. Die mogen volgens mij echter geen afbreuk doen aan de (grootste) maximale diepgang van het schip die geldt wanneer de kraan niet gebruikt wordt. In dat geval is de stabiliteit immers niet (extra) in het geding.

Peter van Dam
juli 2025

Kunnen wij u
ergens mee helpen?